1
2
3
08/02/2014 - Wieke Teselink

Kunst op locatie I

Leren van kunst op locatie. Een performance, dansen op locatie, een installatie en locatietheater: in de kunst zien we steeds vaak een overlapping van verschillende disciplines. Deze drie opdrachten vormden in onze lessenserie ‘Kunst op locatie’ de inspiratie voor de leerlingen om zelf kunst op locatie te maken.

Vak: CKV (drama, dans en beeldend)
Niveau: Bovenbouw, MBO/HBO
Makers: Sara Giampaolo, Karin Groenen, Lissy Heintges, Wieke Teselink

Een locatie gebruiken als basis om interdisciplinair (vakoverstijgend) met de studenten aan te werken is een interessant uitgangspunt, vonden wij. Deze drie opdrachten kunnen leerlingen op weg helpen bij het maken van hun eigen presentatie op locatie: een presentatie die meerdere disciplines in zich heeft. In een vervolg van dit artikel krijg je opdrachten cadeau voor het samenstellen van een presentatie op locatie. Maar eerst deze drie opdrachten!

1. Een race met stoelen
Discipline theater. Geef je studenten eerst theoretische informatie over een interdisciplinaire theaterkunstenaar. Wij kozen Dries Verhoeven.

Dries Verhoeven vindt het binnen zijn werk belangrijk dat iets nooit alleen maar is wat het op het eerste gezicht lijkt. En er moet altijd een gedachten achter zitten. Neem bijvoorbeeld de stoel: je kunt het zien als iets wat er slechts is om op te zitten, maar wat kun je er nog meer mee?
Dit kun je de studenten laten ontdekken aan de hand van de stoelen race.

Plaats de studenten allemaal in een lege ruimte aan een kant van het lokaal. Laat ze op een rij, met hun rug naar de muur, op hun stoel staan en geef ze de opdracht dat ze het lokaal over moeten steken met hun stoel zonder daarbij met handen of voeten de vloer aan te raken. De opdracht is pas geslaagd als ze aan de overkant weer op de zelfde volgorde in een rij uitkomen. Na de opdracht kun je de studenten er op wijze dat het makkelijk is via deze opdracht een vertaling naar theater te maken. Maak ze er eerst bewust van dat de stoel uit zijn dagelijkse functie is gehaald en getransformeerd is naar een voertuig. Daarnaast is de slag naar theater makkelijk te maken, geef bijvoorbeeld het voorbeeld van twee mensen die een verbroken huwelijksscene moeten spelen. Zittend naast elkaar op een stoel is dit niet heel interessant, maar spelen ze die zelfde scene terwijl ze met de stoelen het lokaal oversteken levert dit een nieuw soort spanning op die theatraal heel mooi is om te zien.

 

2. Dansende stoelen
Discipline Dans. Geef je studenten eerst theoretische informatie over een interdisciplinaire danskunstenaar. Wij kozen Merce Cunningham.

Merce Cunningham kwam in 1958 met de choreografie Antic Meet. Hier keek deze choreograaf naar de mogelijkheden die een menselijk lichaam heeft wanneer deze een stoel op zijn rug draagt. Heeft een lichaam juist meer, of minder mogelijkheden?
Dit gaan de studenten uitvinden aan de hand van de stoelendans. Het lokaal staat vol met stoelen die kriskras door de ruimte staan. De studenten lopen op de muziek door de ruimte en de leerkracht geeft aanwijzingen hoe zij moeten lopen. Denk aan: hoekig, rond, snel, langzaam, achteruit, zonder contact te maken, etc. Wanneer de leerkracht de muziek stop zet, gaan de studenten zo snel mogelijk naar een stoel en voeren hier de opdracht uit die de leerkracht hen geeft: gebruik de stoel als dagelijks gebruikersvoorwerp, maak een dagelijkse handeling op de stoel en herhaal deze, etc.

 

3. Een stapeling van stoelen
Discipline Beeldend. Geef je studenten eerst theoretische informatie over een interdisciplinaire beeldend kunstenaar. Wij kozen Kawamata.

Kawamata maakt onder andere grote stoelsculpturen op locatie. Met deze opdracht gaan we ook een stoelensculptuur maken in verschillende groepjes. Ieder groepje krijgt een begrip met zich mee, dit begrip moeten ze uitwerken in hun sculptuur. Met dat begrip in hun achterhoofd maken de studenten een sculptuur. De vier verschillende begrippen zijn:

– Betekenis: Wat voor betekenis heeft een stoel voor jou? En wat voor betekenis kun je er aangeven? Is het een oude stoel of is hij hypermodern? Een betekenis die je aan een stoel zou kunnen geven moet benadrukt worden in het sculptuur.
– Functie: Welke functies heeft een stoel allemaal? Je kan er op zitten, hij kan gestapeld worden, soms kan hij draaien. In het sculptuur moet een functie van een stoel extra benadrukt worden. Student kunnen dit benadrukken door zelf op een vreemde manier op de stoelen te gaan zitten of liggen.
– Vorm: Welke vorm heeft de stoel? Hoe laat die vorm je op de stoel zitten? Zit je in een actieve houding? Of kun je juist lekker onder uit hangen op deze stoelen. De vorm van de stoel en ook de vorm van het lichaam van de ‘zitter’ wordt in het sculptuur extra benadrukt.
– Materiaal: Van welke materiaal is de stoel gemaakt, en wat vertelt dat over stoel? Is de stoel hard of zacht? Het sculptuur laat zien wat voor soort materiaal de stoel is gemaakt en wat dat met de stoel en de ‘zitter’ doet.

Wanneer de sculpturen zijn gevormd bespreekt u met de studenten alle sculpturen. De studenten reageren op elkaar. De andere studenten kunnen verandering brengen in het sculptuur, om het begrip nog beter naar voren te laten komen. Naar aanleiding van wat er is gemaakt reageren wij met verschillende vragen over bijvoorbeeld beweging, contrast en ritme. Hoe zou het sculptuur er uit zien als je er beweging aan toe zou voegen? Zo werk je steeds meer toe tot een interdisciplinair geheel. De studenten laten gelijk hun aanpassing zien in hun sculptuur.

Terug naar boven

Biografie

Naam

Klas

Over de

Website

klik hier

Gerelateerde artikelen - Educatie